De band speelt Dixielandmuziek, in feite een dwarsdoorsnee van de populaire jazzmuziek tussen de Eerste Wereldoorlog en de jaren vijftig. Aan de ene kant de muziek van mensen als King Oliver en Louis Armstrong, aan het andere uiteinde die van Chris Barber en Sidney Bechet.

De stijl wordt ook gekleurd door de speciale bezetting: geen trompet en vaak geen trombone.

Enkele titels van het repertoire: Dreamboat, Tin roof blues, Careless love, I can't give tou anything but love, Bye bye blackbird, Avalon.