Wil je meer weten over
Rabelais zíjn Thélème en óns Thélème?
Terug naar hoofdmenu
Over Rabelais en zíjn Thélème

Francois Rabelais leefde van 1494-1553. 
Zijn boeken Gargantua en Pantagruel, bevatten alles wat een roman aangenaam maakt: een mengsel van humor en ernst, zelfironie, dolzinnige taferelen en een maatschappijvisie die in die tijd als een mokerslag moet zijn aangekomen. 

Ingebed in een louterende stroom van grappen, en geplaatst in een wereld waar men van eten en drinken weet, schrijft hij zijn visie op de weg naar het geluk en een gelukkige samenlev ing. 

Waarom Rabelais gekozen heeft voor reuzen als hoofdpersonen valt niet moeilijk te raden. Het perspectief van die reuzen stelt hem in staat te spelen met getallen, maten en gewichten. 

Bij Rabelais wordt het (onder-)lichaam gevierd. De scènes van walmende urinestromen, afkomstig van zijn reuzen, waardoor hele dorpen worden weggevaagd en obscene beschrijvingen van parende reuzen die elkaars spek opwrijven, zijn grotesk, en dus lachwekkend. 

Maar Rabelais ontwerpt méér dan een eeuwig soort carnaval  in dit aardse tranendal...

Het boek is ook het ontwerp van een moraal, een blik op de wereld. De weg naar vreugde en gezondheid moet, zo meent Rabelais, niet slechts worden gegaan door de geest, maar ook door het lichaam. Alleen wanneer zij met elkaar in evenwicht zijn kan waarlijk van de zoete koek van de wereld worden genoten. 

De stichting van een utopisch klooster met de naam Thélème aan het eind van het deel over Gargantua, vormt daarvan de apotheose. Een klooster waarin alles is toegestaan en waarin mannen én vrouwen in vrijheid met elkaar leven. Zonder klok, zonder verplichtingen, zonder regels en... met alleen maar wenteltrappen.  Omdat een mens nu eenmaal wil doen wat verboden is, zal hij in deze omstandigheden op natuurlijke wijze naar het goede neigen.

Zíjn Thélème was een klooster, óns Thélème een verbouwd kerkje. 
De relatie tussen Rabelais, Thélème
en onze eerste expositie